| Vorige onderwerp :: Volgende onderwerp |
| Auteur |
Bericht |
Stijn Bruers Member

Geregistreerd op: 11-1-2010 Berichten: 5
|
Geplaatst: Ma Jan 11, 2010 5:40 pm Onderwerp: dierenrechten en diepe ecologie |
|
|
Ik wil een eerste aanzet geven voor het uitwerken van een nieuwe, consistente ethiek. Het patho-biocentrisme stelt dat 'leven' (bios) en 'voelen' (pathos) de belangrijkste (centrale) criteria zijn om waarden toe te kennen. Deze ethiek kan dierenrechten unificeren met diepe ecologie (http://home.ca.inter.net/~greenweb/DE-Platform.html).
Laten we beginnen met een formulering van een basisrecht: het recht om niet in belangen geschaad te worden omwille van onze behoeften. (Een speciale versie van dit recht luidt dat we niet een ander mogen doden of kwetsen om te gebruiken als louter middel voor onze doelen.)
Het basisrecht is dus een bescherming van belangen. De vraag is nu welke dingen of wezens belangen hebben. De centrale criteria zijn hier leven en voelen (bewustzijn). Levende wezens hebben een zelforganiserende activiteit (een metabolisme) waardoor we kunnen spreken van complexe belangen (bv. het belang om verder te blijven leven of niet gekwetst te worden). Levende wezens moeten bv. actief voedsel en energie verwerken om zichzelf in stand te houden. Voelende wezens (levende wezens met een perceptueel bewustzijn) hebben daarnaast nog een extra eigenschap: ze kunnen hun complexe belangen gewaarworden (bv. angst wijst op belang van veiligheid, pijn wijst op belang van lichamelijke integriteit, stress wijst op belang van welzijn en rust,...). Verder blijkt dat gevoelens zoals bezorgdheid en empathie belangrijk zijn in ons ethisch handelen. Daar levende en voelende wezens bijzonder kwetsbaar zijn, kunnen we er bezorgdheid voor voelen. En empathie (mededogen) kunnen we vanzelfsprekend enkel voelen met voelende wezens. Andere criteria (sociale intelligentie, rationeel denkvermogen, zelfbewustzijn, taalvaardigheid…) blijken niet relevant te zijn, want we kennen het basisrecht ook toe aan bv. baby’s en mentaal gehandicapten.
Een tweede belangrijk aspect in de definitie van het basisrecht zijn onze behoeften. Onze universele behoeften bestaan niet alleen uit overlevingsbehoeften (voedsel, gezondheid, veiligheid,…), maar ook uit sociale (vriendschap, communicatie, participatie) en ontwikkelingsbehoeften (kennis, ontspanning, activiteit, creativiteit, vrijheid). Universele behoeften kunnen we vervullen door verschillende strategieën die verbonden zijn aan specifieke voorwerpen, plaatsen, personen of gedragingen (bv.: universele behoefte is voedsel, strategieën zijn chocolade, brood,…). Sommige strategieën zijn schadelijker dan andere. We kunnen bijgevolg een gradatie aanbrengen. Aan de ene kant hebben we basisbehoeften als zijnde mens-, dier-, en milieuvriendelijke strategieën die efficiënt onze universele behoeften vervullen. Aan de andere kant spreken we van luxebehoeften: strategieën die een grotere ecologische impact hebben (afvalproductie, grond- en grondstoffenverbruik) en die niet zo efficiënt (qua kostenbaten) onze universele behoeften kunnen vervullen. Voor elke luxebehoefte bestaat er een basisbehoefte als valabel alternatief (bv. universele behoefte is activiteit, luxebehoefte is wild rondcrossen met een terreinwagen, basisbehoefte is joggen). Ook zijn luxebehoeften vaak te herkennen aan hun sociaal-culturele bepaaldheid (maakbaarheid). Zo denken we aan seksuele status, sociaal aanzien, culturele gewoontes, tradities, reclame, modetrends,… Dergelijke luxebehoeften zijn bv. vluchtig, relatief, veranderlijk of gecreëerd in een sociale context.
Samengevat: we hebben een onderscheid tussen morele criteria (leven en voelen), en tussen onze behoeften (basis en luxe). Die kunnen we nu aan elkaar koppelen voor twee morele richtlijnen. Omdat voelende wezens iets extra’s hebben dat gevoelloze levende wezens niet hebben, kunnen we voor hen een sterker basisrecht toekennen.
Richtlijn 1: alle levende wezens (levende cellen) hebben het basisrecht om niet gedood te worden voor onze luxebehoeften. In deze zin zijn alle levende cellen (de basisbouwstenen van leven) gelijkwaardig.
Richtlijn 2: alle voelende wezens (bewuste subjecten) hebben het basisrecht om niet gebruikt (gedood, gekwetst of opgesloten) te worden voor onze basis- en luxebehoeften. In deze zin zijn alle bewuste subjecten (ruwweg alle gewervelde dieren) gelijkwaardig. (We kunnen eventueel nog wel een uitzondering maken voor overlevingsbehoeften, zoals volkeren in het hoge noorden die in hun overleven afhankelijk zijn van jacht en visvangst).
Hoewel alle levende cellen gelijkwaardig zijn, zijn er enkele uitzonderingen: als de cel deel uitmaakt van een voelend wezen, of als de cel deel uitmaakt van een bedreigde soort (of op een andere manier belangrijk is voor de biodiversiteit), dan heeft die cel eigenlijk meer recht op leven omdat we voelende of met uitsterven bedreigde wezens niet mogen doden.
Niet alleen hebben individuele levende wezens en voelende wezens intrinsieke waarde, ook biodiversiteit is waardevol op zichzelf. Als een planten- of diersoort uitsterft is dat even erg als het uitsterven van de mensheid. Om ervoor te zorgen dat er geen soorten uitsterven door menselijk toedoen, moeten we onze consumptie en ons bevolkingsaantal reduceren (want de ecologische impact is het product van bevolking en consumptie). Dat laatste kan door een vrijwillige keuze om geen kinderen (meer) te krijgen.
Bovenstaande twee richtlijnen zijn formuleringen van resp. het biocentrisme en het pathocentrisme. Het eerste komen we bv. tegen binnen de deep-ecology-beweging, waar men soms stelt dat alle levende wezens gelijke intrinsieke waarde hebben en niet mogen gedood worden, tenzij voor onze basisbehoeften. Het tweede is kenmerkend voor de dierenrechtenbeweging. Beiden kunnen we op een elegante manier combineren tot het patho-biocentrisme. Concreet wil dat zeggen: vrijwillige zwangerschapsbeperking (kiezen voor kleinere gezinnen), vrijwillige soberheid (milieuvriendelijk leven met zo laag mogelijke ecologische impact) en veganisme (geen gewervelde dieren en hun producten gebruiken). |
|
| Naar boven |
|
 |
annemarie Site Admin


Geregistreerd op: 15-5-2006 Berichten: 1193
|
Geplaatst: Vr Jan 15, 2010 1:47 am Onderwerp: |
|
|
Beste Stijn,
Allereerst welkom. Interessant wat jij hier plaatst. Een vraagstuk waar ik ook vaak over nadenk. Objectief gezien vind ik voelende, zelfbewuste wezens gelijkwaardig aan mensen. In de praktijk vind ik een mens natuurlijk waardevoller. Ik realiseer me echter dat ik dat alleen maar vind omdat ik zelf deel uitmaak van de soort. Overigens zou je mij nu de vraag kunnen stellen waarom ik alleen zelfbewuste wezens noem, en of dat betekent dat ik baby's en gehandicapten uitsluit. Die sluit ik niet uit. Ik wijt dat er trouwens aan dat zij tot dezelfde soort behoren. Bovendien geven baby's hun soortgenoten bepaalde signalen af waardoor volwassenen zich verantwoordelijk voelen en de baby zullen beschermen. Misschien geldt hetzelfde wel voor jonge dieren, bedenk ik nu. In mij kunnen ze in ieder geval wel de behoefte opwekken om ze te beschermen.
Ik neem even aan dat je je zelf houdt aan de 'leefregels' die je geplaatst hebt. In dat geval heb ik daar best bewondering voor. Ik kan je redenatie namelijk volgen, en heb hem talloze keren zelf gemaakt, maar behoor misschien tot het wredere deel van onze soort. Ik ben namelijk een echte carnivoor, en wens dat te blijven. Anderzijds heb ik -hoe hypocriet- grote moeite een mug dood te slaan om het simpele feit dat IK er last van heb. Overigens wordt die moeite met het verstrijken van de tijd vanzelf kleiner.
Verder, om nog even op jou in te gaan, kan ik totaal niet wakker liggen van het uitsterven van een soort. Het uitsterven van soorten hoort geloof ik bij de natuurlijke gang van zaken. Ik ben het met je eens dat het uitsterven van andere dieren even erg is als het uitsterven van de mens (misschien zelfs erger, want geen soort heeft zo'n rotzooi gemaakt van de aarde als de mens denk ik), maar dat is weer objectief, met een 'helicopterview'. Aangezien ik zelf een mens ben, voel ik sterke drang om te overleven. Vanuit mijn helicopter zou ik dus geen probleem hebben met het uitsterven van de mens, maar nu in de situatie zit, zal ik proberen te overleven, desnoods door andere soorten daarbij uit te schakelen. Ik vind het koste wat het kost voorkomen van uitsterven dus een vrij onnatuurlijke zaak.
Verder vraag ik me af hoe je, als je consequent bent, omgaat met een aantal zaken. Denk aan:
- Gebruik van andere soorten voor medische doeleinden (ik neem aan dat je oordeel hierover afhangt van of jij het oplossen van niet zo heel ernstige ziekte een basisbehoefte vindt);
- Casus: een geliefde van jou heeft een ernstige wespengifallergie. Een wespensteek is voor hem/haar potentieel dodelijk. Sla je de wesp dood? Bedenk hierbij dat er best kans op overleven is, mits je de goede behandeling direct toepast.
Ik ben heel benieuwd, wel eens leuk om iemand te spreken die consequenties verbindt aan deze theorie. |
|
| Naar boven |
|
 |
Stijn Bruers Member

Geregistreerd op: 11-1-2010 Berichten: 5
|
Geplaatst: Wo Jan 20, 2010 7:40 pm Onderwerp: |
|
|
Hallo Annemarie
| annemarie schreef: |
| Objectief gezien vind ik voelende, zelfbewuste wezens gelijkwaardig aan mensen. In de praktijk vind ik een mens natuurlijk waardevoller. |
Het is niet altijd duidelijk wat men bedoelt met waardevoller. Volgens de gangbare ethiek zijn alle mensen moreel gelijkwaardig, is er een gevoelsmatige ongelijkwaardigheid, en toch een getolereerde keuzegelijkwaardigheid.
Stel een huis brandt af en jij kunt slechts één iemand redden: je eigen kind of het kind van de buren. Je kiest waarschijnlijk je eigen kind. Wil dat zeggen dat je eigen kind meer waard is? Daar gaat artikel 1 van de mensenrechtenverklaring? Niet echt. Gevoelsmatig is er een ongelijkwaardigheid. Maar toch zijn er twee vormen van gelijkwaardigheid aanwezig:
-morele gelijkwaardigheid: alle kinderen kunnen in gelijke mate aanspraak maken op het basisrecht; het recht om niet gebruikt te worden als louter middel voor iemand anders zijn doelen. Als je eigen kind een dodelijke nierziekte heeft, mag je niet het kind van de buren doden en diens nieren gebruiken om jou kind te redden. Dus hier is opnieuw de keuze tussen je eigen kind en het kind van de buren, maar omdat het kind van de buren dreigt gebruikt te worden als middel, mag je dat kind toch niet doden. Dus je eigen kind sterft. Dus je plaatst niet altijd je eigen kind boven dat van de buren.
-getolereerde keuzegelijkwaardigheid. Stel dat de buurman zijn kind had gered, en jou kind stierf. Zou je dan tegen de buurman zeggen dat wat hij deed immoreel is omdat jou kind meer waarde heeft dan dat van hem? Nee, je zou droevig zijn, maar je zou de keuze van je buurman tolereren. Jij en je buurman zijn gelijkwaardig, jij tolereert zijn keuze om zijn kind te redden, dus is hier sprake van een getolereerde keuzegelijkwaardigheid.
Waar ik naartoe wil, is deze twee vormen van gelijkwaardigheid uitbreiden naar alle voelende wezens. Dus je moet bv. de keuze maken tussen je kind en een hond. Ik zou waarschijnlijk een kind eerst redden, wat een vorm van gevoelsmatige ongelijkwaardigheid is. Maar dat wil niet zeggen dat we honden mogen gebruiken in medische experimenten, dat we honden mogen eten,... En als jij de hond zou redden, dan zou ik jou keuze tolereren. Ik ken mensen die een bijzonder hechte band hebben met hun hond, alsof het hun eigen kind is.
| Quote: |
| Ik realiseer me echter dat ik dat alleen maar vind omdat ik zelf deel uitmaak van de soort. |
maar op zich lijkt me dat vreemd.
1) je vindt het waarschijnlijk walgelijk om een hond te slachten en te eten... Onlangs was er in rusland zelfs iemand veroordeeld voor het eten van een hond.
2) waarom soort en niet ondersoort, populatie (wat ze vroeger "ras" noemden), genus, familie, orde, klasse,...? Neem de biologische rangorden (sterk vereenvoudigd): klassen (zoogdieren,...), orden (primaten,...), families (mensachtigen en grote mensapen,...), soorten (homo sapiens,...), populaties (blanken,...). Je maakt niet alleen deel uit van een soort, maar ook van een populatie (ras), een orde, een klasse,... Waarom pik je er de vierde rangorde uit en wijs je daar de soort homo sapiens aan? Waarom niet de vijfde (populaties) of de derde (families) of...? Is dat niet een beetje heel erg arbitrair?
3) Ga je beweren dat je zorg draagt voor een ongeneesbaar diep mentaal gehandicapt weeskind omdat de ouders van dat wezen potentieel vruchtbare nakomelingen hadden kunnen krijgen met iemand van jou familie? (ik gebruik hier een definitie van soort dat verwijst naar het kunnen krijgen van vruchtbare nakomelingen) Dat is een beetje vergezocht, niet? Zou het niet beter zijn om voor die gehandicapten te zorgen omdat ze gevoelens en behoeften hebben en omdat ze kwetsbaar zijn?
4) wat is er zo speciaal aan de mens? Welke eigenschap hebben alle en alleen mensen dat hen zo bijzonder maakt? Ik ken er geen.
| Quote: |
| Ik neem even aan dat je je zelf houdt aan de 'leefregels' die je geplaatst hebt. In dat geval heb ik daar best bewondering voor. Ik kan je redenatie namelijk volgen, en heb hem talloze keren zelf gemaakt, maar behoor misschien tot het wredere deel van onze soort. Ik ben namelijk een echte carnivoor, en wens dat te blijven. |
Ben blij dat je eerlijk bent.
Maar dan ga je psychologische strategieen moeten bovenhalen om schuldgevoelens te verdringen en een cognitieve dissonantie te bedwingen. Want als we erover nadenken, dan blijkt dat het eten van vlees botst met een groot aantal ethische gevoelens, principes en waarden die ons dierbaar zijn. Vredelievendheid, rechtvaardigheid, medeleven, empathie, geweldloosheid, barmhartigheid, zorgzaamheid... al die morele deugden en waarden worden van tafel geveegd door het vlees op ons bord. Want vlees eten is niet goed voor de eigen gezondheid, noch voor de gezondheid van slachters (gevaarlijk beroep, zowel fysiek als emotioneel: veel slachters lijden aan een perpetration induced post traumatic stress disorder), andere mensen (de Mexicaanse griep en vele andere ziekten zijn ontstaan vanuit de veeteelt), hongerige mensen (veeteelt is enorme voedselverspilling want 1/3 van de graanoogst wordt door veedieren omgezet in oneetbare uitwerpselen), dieren (daar kunnen we een boek over schrijven), inheemse volkeren (regenwoud wordt platgebrand en boeren plegen genocide, voor het aanleggen van plantages van veevoeders die bestemd zijn voor Europees vee). En de veeteelt is de nummer 1 oorzaak van het verlies aan biodiversiteit (door ontbossing, vervuiling,...), draagt meer bij tot de klimaatverandering dan het wereldwijde transport en verkeer samen,...
Maar het belangrijkste punt: vleesconsumptie is een vorm van discriminatie en een schending van het basisrecht.
Nu, de oplossing is erg eenvoudig: er komen steeds meer en meer lekkere volwaardige vleesvervangers op de markt. Tofu, seitan, tempe, falafel,... Allemaal gezonde plantaardige producten, en bovendien: de watervoetafdruk en de ecologische voetafdruk van deze producten zijn vele malen kleiner dan dierlijke producten.
| Quote: |
| Anderzijds heb ik -hoe hypocriet- grote moeite een mug dood te slaan om het simpele feit dat IK er last van heb. |
dat is al een goed begin
Ik sla ook geen muggen dood.
| Quote: |
| Verder, om nog even op jou in te gaan, kan ik totaal niet wakker liggen van het uitsterven van een soort. Het uitsterven van soorten hoort geloof ik bij de natuurlijke gang van zaken. |
Ja, net zoals de dood ook bij een natuurlijke gang van zaken hoort. Maar een vroegtijdig uitsterven of een vroegtijdige dood, dat is wat anders. En zeker als wij daar verantwoordelijk voor zijn...
| Quote: |
| Aangezien ik zelf een mens ben, voel ik sterke drang om te overleven. |
ja, maar veel van onze consumptie en onze milieu-impact is niet om te overleven...
| Quote: |
| Ik vind het koste wat het kost voorkomen van uitsterven dus een vrij onnatuurlijke zaak. |
ja, maar het vroegtijdig uitsterven van een soort door toedoen van de mens, is in zekere zin ook onnatuurlijk.
En bovendien: we moeten doen wat juist is, niet wat "natuurlijk" is. De natuur heeft weinig kaas gegeten van ethiek. De man is van nature een verkrachter (hij heeft een penis, onze voorouders verkrachtten vrouwen,...), maar verkrachtingen zijn immoreel.
| Quote: |
Verder vraag ik me af hoe je, als je consequent bent, omgaat met een aantal zaken. Denk aan:
- Gebruik van andere soorten voor medische doeleinden (ik neem aan dat je oordeel hierover afhangt van of jij het oplossen van niet zo heel ernstige ziekte een basisbehoefte vindt); |
Ik ben tegen dierproeven, omwille van het argument dat we zoiets niet zouden doen met bv. ongeneesbaar diep mentaal gehandicapte weeskinderen, en omdat er geen moreel relevante eigenschap is dat die gehandicapten wel hebben en niet-menselijke dieren niet.
We kunnen nog wel medicijnen gebruiken die vroeger op dieren werden getest, want dat kwaad is toch al geschied. Momenteel profiteren we van uitvindingen die enkel tot stand kwamen door uitbuiting of slavernij. Toch blijven we die uitvindingen gebruiken.
| Quote: |
| - Casus: een geliefde van jou heeft een ernstige wespengifallergie. Een wespensteek is voor hem/haar potentieel dodelijk. Sla je de wesp dood? Bedenk hierbij dat er best kans op overleven is, mits je de goede behandeling direct toepast. |
ik zou de wesp niet doodslaan. Stel dat je mist en die wesp wordt daardoor agressief... Zelf ben ik nog nooit gestoken door een wesp, behalve wanneer iemand anders met zijn armen begon te zwaaien... Ik zou gewoon extra waakzaam zijn en braaf zijn en mensen verbieden om agressief te worden naar die wesp.
Ik doe aan wettelijke zelfverdediging: de verdediging mag niet ernstiger zijn dan de aanval. Moest het duidelijk zijn dat een wezen het leven van mijn geliefde echt bedreigt, dan kan het doden van die agressor noodzakelijk zijn, en ik zou nooit zeggen dat dat immoreel was om zich te verdedigen en de agressor dan te doden. |
|
| Naar boven |
|
 |
|
|
Je mag geen nieuwe onderwerpen plaatsen Je mag geen reacties plaatsen Je mag je berichten niet bewerken Je mag je berichten niet verwijderen Ja mag niet stemmen in polls
|
|